Slaapregressie 15 maanden: signalen, duur en wat helpt
|
|
Tijd om te lezen 6 min
In het kort
Rond 14 tot 16 maanden slaapt je dreumes vaak weer onrustiger: 's nachts vaker wakker, hele korte dutjes of dutjes weigeren, een korter lontje en een wisselende eetlust. Dat is de slaapregressie van 15 maanden, die meestal 2 tot 4 weken duurt en samenvalt met lopen, eerste woordjes en het begin van de overgang naar 1 slaapje. Beweeg mee met de dutjes (soms 1, soms 2), houd het ritme en het avondritueel vast en breng je kind eerder naar bed na een kort dutje.
|
|
Tijd om te lezen 6 min
De slaapregressie van 15 maanden is een periode van meestal 2 tot 4 weken, ergens tussen 14 en 16 maanden, waarin je dreumes ineens slechter slaapt: 's nachts vaker wakker, hele korte dutjes of dutjes weigeren, een korter lontje en een wisselende eetlust. De oorzaak is een stapel ontwikkelingen tegelijk: lopen, de eerste woordjes, een eigen wil en het begin van de overgang van 2 naar 1 slaapje. Niet elk kind heeft er last van, en het gaat vanzelf over.
| Onderdeel | Slaapregressie 15 maanden |
|---|---|
| Wanneer | rond 14 tot 16 maanden |
| Duur | meestal 2 tot 4 weken |
| Signalen | vaker wakker, korte of geweigerde dutjes, humeurig, anders eten |
| Oorzaak | lopen, taal, eigen wil, sprong rond 64 weken, begin overgang naar 1 slaapje |
| Wat helpt | meebewegen met 1 of 2 dutjes, vast ritme en ritueel, eerder naar bed |
De regressie van 12 maanden is net achter de rug en daar is de volgende. Of je pech hebt, merk je aan:
Zie je dit rond 14 maanden of pas bij 16 maanden? Het is dezelfde regressie; het moment verschilt per kind. Niet ieder kind doorloopt elke regressie. Sommige kinderen slapen door alsof er niets aan de hand is, of hebben alleen overdag een paar rommelige weken.
Een kind van 15 maanden kan ontzettend veel: los lopen of bijna, een paar woordjes zeggen en veel meer verstaan, zelf eten, aanwijzen wat het wil en heel duidelijk "nee" laten merken. Al dat nieuws wordt 's nachts verwerkt en geoefend. Rond 64 weken zit bovendien een van de bekende sprongen uit Oei, ik groei!, met de bijbehorende hangerigheid.
Tegelijk begint rond deze leeftijd de slaapbehoefte overdag langzaam af te nemen. Het ochtenddutje wordt korter of wordt geweigerd, terwijl één dutje nog te weinig is. Precies dat schuren tussen 1 en 2 slaapjes zorgt voor veel onrust. En vergeet de kiezen niet: de eerste kiezen komen vaak rond deze leeftijd door en geven prikkelbaarheid, kwijlen en slechter slapen, al horen hoge koorts en diarree daar niet bij (Massignan et al., 2016).
Goed om te weten: nachtelijk wakker worden komt bij een groot deel van de kinderen tussen 6 en 18 maanden nog voor (Hysing et al., 2014). Je doet dus niets fout. Meer over de sprongen lees je in sprongen en slaap.
Een kind van 1 tot 2 jaar heeft volgens de American Academy of Sleep Medicine 11 tot 14 uur slaap per etmaal nodig (Paruthi et al., 2016). In mijn praktijk komt dat bij 15 maanden meestal neer op zo'n 11 uur 's nachts plus 2 tot 3 uur overdag.
| Onderdeel | Richtlijn bij 15 maanden |
|---|---|
| Slaap per etmaal | 13 tot 14 uur |
| Slaap 's nachts | 11 tot 12 uur |
| Dutjes | 1 of 2, samen 2 tot 3 uur |
| Wakkertijd met 2 dutjes | 3 tot 3,5 uur |
| Wakkertijd met 1 dutje | 4,5 tot 5 uur |
| Bedtijd | 18.30 tot 19.30 uur |
Tijdens de regressie wisselen dagen met 1 en met 2 dutjes elkaar vaak af. Beide schema's mogen naast elkaar bestaan; kijk 's ochtends naar je kind en kies.
| Tijd | Dag met 2 dutjes | Dag met 1 dutje |
|---|---|---|
| 07.00 | Wakker, ontbijt | Wakker, ontbijt |
| 10.00 tot 10.45 | Dutje 1 (kort houden) | Naar buiten, actief spelen |
| 11.30 | Lunch | Vroege lunch |
| 12.00 tot 14.00 | Middagdutje (2 tot 2,5 uur) | |
| 14.15 tot 15.30 | Dutje 2 | Wakker, spelen |
| 17.00 | Avondeten | Avondeten |
| 18.30 | Ritueel | Ritueel, bedtijd 18.45 uur |
| 19.00 | Bedtijd |
Het volledige schema met wakkertijden vind je in slaapschema dreumes 15 maanden en alle wakkertijden per leeftijd in wakkertijden dreumes en peuter.
Dat is de lastigste vraag rond 15 maanden, want de signalen lijken op elkaar. Het verschil zit in het humeur en in de duur:
Twijfel je? Houd de 2 dutjes nog een paar weken aan, met een kort ochtenddutje van maximaal een uur, en kijk hoe het na de regressie is. Hoe je de overstap daarna rustig maakt, staat in wanneer van 2 naar 1 slaapje overgaan.
Meestal 2 tot 4 weken. Het hoeft niet 4 weken drama te zijn: vaak zijn het een paar rommelige nachten, dan weer een paar goede, en dan nog een dip. Zodra het lopen en de nieuwe woordjes gewoon zijn geworden, keert de rust terug. Geniet ervan, want de volgende regressie komt rond 18 maanden; lees alvast slaapregressie 18 maanden. Wil je terugkijken, dan vind je de vorige in slaapregressie 12 maanden.
Bel bij koorts, oorpijn of aan de oortjes trekken, elke nacht snurken of ademen met open mond, slecht eten of drinken, of als het slechte slapen langer dan 6 weken aanhoudt zonder duidelijke reden. Het consultatiebureau werkt met de JGZ-richtlijn Gezonde slaap en kijkt graag mee naar het ritme van je kind.
Geschreven door Josanne Verhoof, pedagoog en babyslaapcoach (Villa Bimbi), slaapbegeleiding voor kinderen van 0 tot 5 jaar.
Je dreumes is onrustiger en humeuriger, wordt 's nachts vaker wakker, doet minder of hele korte dutjes en eet anders dan normaal. Vaak zie je tegelijk een grote stap in lopen of taal.
Meestal 2 tot 4 weken. Daarna lopen de dutjes en nachten weer zoals daarvoor, tot de slaapregressie van 18 maanden zich aandient. Duurt het langer dan 6 weken, kijk dan naar het ritme of overleg met het consultatiebureau.
Kijk per dag naar je kind: op sommige dagen redt het zich prima met één dutje, op andere dagen heeft het er twee nodig. Houd de wakkertijd onder de 5 uur en beweeg mee. De definitieve overstap naar 1 slaapje komt meestal tussen 15 en 18 maanden.
Een vast ritme en avondritueel, overdag lekker actief zijn, de laatste uren voor het slapen rustig houden, eerder naar bed na een kort dutje en je kind 's nachts kort en rustig geruststellen zonder nieuwe gewoontes te starten.
Ja. De regressie rond 14, 15 of 16 maanden is dezelfde periode; het moment verschilt per kind. De signalen, de duur en de aanpak zijn gelijk.
Ongeveer 11 tot 14 uur per etmaal volgens de AASM: zo'n 11 uur 's nachts plus 2 tot 3 uur overdag, verdeeld over 1 of 2 dutjes.