Gratis verzending door heel NL & BE bij €35 of meer

In het kort

Jonge kinderen leren eerst vier basisemoties herkennen: blij, boos, bang en verdrietig. Een peuter voelt die heel sterk, maar kan ze nog niet zelf afremmen. Dat leert hij met jouw hulp: je benoemt wat hij voelt, blijft rustig in de buurt en laat zien wat hij met het gevoel kan doen. Zelf kalmeren groeit langzaam, vooral tussen 2,5 en 5 jaar.

Jonge kinderen leren eerst vier basisemoties herkennen: blij, boos, bang en verdrietig. Een peuter voelt die heel sterk, maar kan ze nog niet zelf afremmen. Dat leert hij met jouw hulp: je benoemt wat hij voelt, blijft rustig in de buurt en laat zien wat hij met het gevoel kan doen. Zelf kalmeren groeit langzaam, vooral tussen 2,5 en 5 jaar.

In dit artikel
  1. In het kort
  2. Welke emoties heeft een jong kind? De vier basisemoties
  3. Hoe ontwikkelen emoties zich van baby tot peuter?
  4. Emoties benoemen en uitleggen: zo doe je dat
  5. Wat is emotieregulatie en waarom is het belangrijk?
  6. Zo help je je peuter met grote gevoelens (co-regulatie)
  7. Overprikkeling bij jonge kinderen: herkennen en wat je doet
  8. Spelletjes en prentenboeken over gevoelens
  9. Jouw eigen emoties als ouder
  10. Wanneer vraag je hulp?

Dit artikel gaat over wat je thuis kunt doen. Hoe de sociale en emotionele ontwikkeling per leeftijd verloopt, lees je in sociaal-emotionele ontwikkeling van baby en peuter.

In het kort

Wat je peuter doet Wat jij doet
Voelt een emotie heel sterk en direct Rustig blijven, dichtbij komen
Weet nog niet hoe het gevoel heet Het gevoel benoemen: "Je bent boos"
Snapt nog niet waarom hij zich zo voelt De oorzaak erbij zeggen: "omdat de toren omviel"
Kan zich nog niet zelf kalmeren Samen rustig worden: knuffel, rustige plek, ademhalen
Weet niet wat hij met het gevoel mag doen Zeggen wat wel mag: "Je mag stampen, slaan mag niet"

Welke emoties heeft een jong kind? De vier basisemoties

Het NJI beschrijft dat baby's eerst vooral het verschil zien tussen een blij, een boos en een neutraal gezicht. Al snel leren jonge kinderen de vier basisemoties herkennen, bij zichzelf en bij anderen:

  • Blij: lachen, springen, enthousiast vertellen.
  • Boos: stampen, gillen, slaan, "nee!".
  • Bang: zich vastklampen, wegkruipen, huilen bij iets nieuws.
  • Verdrietig: huilen, stil worden, troost zoeken.

Daarna komen er emoties bij die met het "ik" te maken hebben, zoals trots, jaloezie, schaamte en schuldgevoel. En kinderen leren de kleine verschillen: een beetje boos, heel boos, woedend.

Hoe ontwikkelen emoties zich van baby tot peuter?

Leeftijd Wat je ziet (JGZ-richtlijn Psychosociale problemen)
7 tot 12 maanden Blijdschap, woede, angst en verrassing worden zichtbaar; eenkennigheid en angst om jou kwijt te raken
1 tot 3 jaar Bewust worden van zichzelf als persoon; begin van zelfcontrole; nieuwe emoties zoals schuldgevoel
2 tot 4 jaar Emoties van anderen herkennen; minder constante aandacht nodig
2,5 tot 5 jaar Gedrag beter tegenhouden, kunnen wachten, frustratie beter verdragen

Belangrijk om te weten: tussen herkennen en beheersen zit een paar jaar. Een tweejarige weet soms al dat hij boos is, maar kan er nog bijna niets mee. Daarom zijn driftbuien bij peuters zo gewoon.

Emoties benoemen en uitleggen: zo doe je dat

Kinderen leren de woorden voor gevoelens doordat jij ze steeds noemt. Het NJI geeft een paar handvatten:

  • Benoem het gevoel, de oorzaak en wat je eraan kunt doen. "Oh, je beker viel om! Je schrok, hè? Dat is niet erg, we ruimen het samen op."
  • Maak het preciezer naarmate je kind ouder wordt. Een beetje blij, heel blij, gefrustreerd, jaloers, verlegen.
  • Wijs op gevoelens van anderen. "Kijk eens naar haar gezicht. Ik denk dat ze geschrokken is."
  • Vertel wat jij voelt. "Ik schrok omdat je zo schreeuwde. Daarom werd ik even boos."

Bij een dreumes werkt het al om te zeggen wat hij wil: "Jij wil de pan pakken. Maar die is heet." Zo voelt je kind zich begrepen, ook als het antwoord nee is. Hoe je de taal van je peuter verder helpt, lees je in taalontwikkeling van je peuter.

Wat is emotieregulatie en waarom is het belangrijk?

Emotieregulatie is het vermogen om met een gevoel om te gaan zonder dat het je overspoelt: even wachten, rustig worden, een andere oplossing zoeken. Volwassenen doen dat de hele dag zonder erbij na te denken. Een peuter kan dat nog niet.

Het NJI legt uit waarom het belangrijk is: kinderen leren zo hun reactie af te stemmen op de situatie. Een kind dat gaat schreeuwen als zijn vriendje een ander spel wil, merkt dat het vriendje dan niet meer wil spelen. Als het leert eerst te vragen wat de ander wil, gaat samen spelen beter. Dat helpt later bij vriendschappen en bij goed voor jezelf opkomen.

Zo help je je peuter met grote gevoelens (co-regulatie)

Een peuter leert zichzelf kalmeren door het eerst heel vaak samen met jou te doen. Dat heet co-regulatie. In mijn praktijk geef ik ouders deze volgorde mee:

  1. Eerst jij. Adem rustig uit, ga op ooghoogte zitten. Jouw kalmte is het voorbeeld.
  2. Benoem kort. "Je bent heel boos. Je wilde nog niet weg."
  3. Bied nabijheid aan. Een knuffel helpt vaak. Wil je kind niet aangeraakt worden, blijf dan dichtbij en wacht. Het NJI noemt ook even naar een andere plek lopen als hulp.
  4. Grens waar het moet. "Ik weet dat je boos bent, maar slaan mag nooit."
  5. Help met een oplossing als het zakt: samen opnieuw proberen, iets anders kiezen, sorry zeggen.
  6. Maak het af met contact. Het NJI raadt aan positieve aandacht te geven zodra je kind weer rustig is, bijvoorbeeld met een knuffel.

Geef niet toe aan wat de bui veroorzaakte. Het gevoel mag er zijn, het gedrag hoeft niet te werken. Slaat of bijt je kind als het boos is, lees dan ook agressief gedrag bij je peuter.

Overprikkeling bij jonge kinderen: herkennen en wat je doet

Een peuter die te veel indrukken krijgt, raakt overprikkeld. Ouders zien dan vaak dat hun kind ineens drukker wordt, gaat huilen om kleine dingen, wegkijkt of juist wild wordt. Het NJI beschrijft dat druk gedrag kan komen doordat je peuter moe is van alle indrukken van de dag.

Wat je op het moment zelf doet:

  • Haal je kind uit de drukte naar een rustige plek.
  • Zet geluid en schermen uit en praat zacht en weinig.
  • Bied iets vertrouwds aan: een knuffel, drinken, op schoot zitten.

Wat het volgende keer voorkomt, volgens het NJI: genoeg bewegen en buitenspelen om energie kwijt te raken, maar ook genoeg rust in de dag. En niet te veel speelgoed tegelijk: ruim op wat niet gebruikt wordt. Een vast dagritme met een rustmoment na de lunch helpt veel peuters ook.

Spelletjes en prentenboeken over gevoelens

Over gevoelens praten lukt het best als het rustig is, niet midden in een bui. Een paar ideeën:

  • Gezichten trekken in de spiegel. Doe samen blij, boos, bang en verdrietig na.
  • Voorlezen. Het NJI raadt aan samen boekjes te lezen en de gevoelens in het verhaal te benoemen: "Ze heeft er zin in, maar vindt het ook spannend. Heb jij dat ook weleens?"
  • Knuffels laten voelen. "De beer is verdrietig. Wat zou hem helpen?"
  • Een gevoelensliedje waarin je per couplet een gevoel uitbeeldt.

Meer spelideeën voor deze leeftijd staan in activiteiten voor je dreumes en peuter.

Jouw eigen emoties als ouder

Je peuter leert het meest van hoe jij met je eigen gevoelens omgaat. Het NJI noemt het normaal dat ouders soms boos, moe of onzeker zijn en weleens schreeuwen uit frustratie. Belangrijk is wat je daarna doet: leg uit wat er gebeurde en waarom, en maak het goed. Zo leert je kind dat fouten erbij horen en dat je ze samen oplost.

Merk je dat je vaak op je tenen loopt? Rust en slaap maken een groot verschil, ook voor jou. Tips staan in slaaptekort als ouder. Praat erover met je partner, iemand die je vertrouwt of het consultatiebureau.

Wanneer vraag je hulp?

Heftige emoties horen bij een peuter. Bespreek het met het consultatiebureau of de huisarts als:

  • je kind vaak heel lang ontroostbaar is en bijna niet tot rust komt;
  • je kind veel bang, teruggetrokken of somber lijkt en weinig plezier heeft;
  • je kind weinig contact maakt of je zelden aankijkt;
  • buien zo vaak of heftig zijn dat het dagelijks leven vastloopt, al maanden lang.

De JGZ-richtlijn Psychosociale problemen noemt angst, teruggetrokkenheid en sombere gevoelens als signalen om op te letten vanaf 3 jaar. Eén signaal is nog geen probleem; het gaat om meerdere dingen samen. Over angst lees je meer in angsten bij je peuter.

Verder lezen

Bronnen

Geschreven door Josanne Verhoof, pedagoog en babyslaapcoach (Villa Bimbi), slaapbegeleiding voor kinderen van 0 tot 5 jaar.

Laat een reactie achter

Deze site wordt beschermd door hCaptcha en het privacybeleid en de servicevoorwaarden van hCaptcha zijn van toepassing.

Een vraag over je kindje? Vraag het Numo

Numo

Numo is de slaap- en oudercoach in de Numsy-app. Stel je vraag wanneer het jou uitkomt, en houd ondertussen het dagritme van je kindje bij.

Probeer 7 dagen

Eerst 7 dagen proberen

★ 4,9 in de App Store

Numsy Slaaptrainer Lou 2.0

Handig bij dit artikel

Numsy Slaaptrainer Lou 2.0

Laat met kleur zien wanneer opstaan mag, zonder discussie in de ochtend.

Bekijk product

Latest Stories

Deze sectie bevat momenteel geen content. Voeg content toe aan deze sectie met behulp van de zijbalk.

Veelgestelde vragen

Welke emoties zijn er voor kinderen?

Jonge kinderen leren eerst de vier basisemoties herkennen: blij, boos, bang en verdrietig. Later komen daar emoties bij als trots, jaloezie, schaamte en schuldgevoel, en kleine verschillen zoals een beetje boos of woedend. Het NJI beschrijft dat kinderen eerst de emotie herkennen en daarna pas de woorden en de oorzaak leren.

Welke 4 basisemoties zijn er?

Blij, boos, bang en verdrietig. Dat zijn de emoties die jonge kinderen volgens het NJI het eerst bij zichzelf en anderen leren herkennen. Ze zijn een handig begin om met je peuter over gevoelens te praten, bijvoorbeeld met plaatjes van gezichten of tijdens het voorlezen.

Hoe kan ik de emoties van mijn peuter reguleren?

Je reguleert ze niet voor hem, maar samen met hem. Blijf zelf rustig, kom dichtbij, benoem het gevoel en help je kind tot rust te komen met een knuffel, een rustige plek of iets anders om te doen. Door dat steeds te herhalen, leert je kind het later zelf. Dit heet co-regulatie.

Wat doe je bij overprikkeling?

Haal je kind uit de drukte naar een rustige plek, zet geluid en schermen uit en praat zacht en weinig. Bied iets vertrouwds aan, zoals een knuffel of drinken. Voorkom het volgende keer door genoeg rust in de dag, niet te veel speelgoed tegelijk en op tijd naar huis gaan na een druk bezoek.

Wat zijn de kenmerken van een emotioneel gevoelig kind?

Sommige kinderen reageren sneller en heftiger op prikkels, veranderingen of de stemming van anderen. Andere kinderen laten juist weinig zien en durven niet te zeggen wat ze voelen. Beide horen bij verschillen in karakter. Een gevoelig kind heeft vaak meer voorspelbaarheid en rustmomenten nodig, en net wat meer hulp met woorden voor wat het voelt.

Wanneer leert een kind zijn emoties beheersen?

Dat gaat geleidelijk. Volgens de JGZ-richtlijn begint zelfcontrole tussen 1 en 3 jaar, en groeit tussen 2,5 en 5 jaar het vermogen om gedrag tegen te houden, te wachten en frustratie te verdragen. Een peuter van 2 kan zich dus nog bijna niet inhouden; een kleuter van 4 lukt dat al vaker.