Gratis verzending door heel NL & BE bij €35 of meer

In het kort

Tussen 13 en 23 maanden leert je dreumes lopen, krijgt hij zijn eerste woordjes en ontdekt hij zijn eigen wil. Gemiddeld komen de eerste losse stapjes rond 14 à 15 maanden en lopen de meeste kinderen rond 18 maanden zonder steun. De eerste woordjes komen meestal tussen 1 en 1,5 jaar, tweewoordzinnetjes vanaf ongeveer 18 maanden. Vanaf ongeveer 18 maanden begint ook de peuterpuberteit, met 'nee' en driftbuien.

Tussen 13 en 23 maanden leert je dreumes lopen, krijgt hij zijn eerste woordjes en ontdekt hij zijn eigen wil. Gemiddeld komen de eerste losse stapjes rond 14 à 15 maanden en lopen de meeste kinderen rond 18 maanden zonder steun. De eerste woordjes komen meestal tussen 1 en 1,5 jaar, tweewoordzinnetjes vanaf ongeveer 18 maanden. Vanaf ongeveer 18 maanden begint ook de peuterpuberteit, met 'nee' en driftbuien.

In dit artikel
  1. In het kort: ontwikkeling per periode
  2. Waarom geen strak lijstje per maand?
  3. 13 tot 15 maanden: de eerste stapjes
  4. 16 tot 18 maanden: loslopen en zelf eten
  5. 19 tot 21 maanden: rennen, klimmen en 'zelf doen'
  6. 22 tot 23 maanden: richting peuter
  7. Slaap van 13 tot 23 maanden
  8. Hoe help je de ontwikkeling van je dreumes?
  9. Wanneer naar het consultatiebureau?

In het kort: ontwikkeling per periode

Periode Bewegen Handjes Taal Gevoel en contact
13 tot 15 maanden Langs meubels, aan de hand, vaak eerste losse stapjes Torentje bouwen, krassen met een dik krijtje Eerste woordjes, begrijpt simpele opdrachten Eenkennig, doet jou na
16 tot 18 maanden Lopen wordt stabieler, rond 18 maanden lopen de meesten los Drinkt uit een beker, eet zelf met een lepel, prikt met een vork Meer woorden, soms al 2 woorden samen Eigen wil, begin peuterpuberteit
19 tot 21 maanden Rennen, klimmen op stoelen, loopfiets proberen Deksels open en dicht, bladzijden omslaan Woordenschat groeit snel, tweewoordzinnen 'Nee', driftbuien, wil zelf doen
22 tot 23 maanden Meer controle: stoppen, starten, bal schoppen Krassen worden beheerster Korte zinnetjes, begrijpt opdrachtjes van 2 woorden Speelt naast andere kinderen

Bronnen: NJI, Kind en Gezin en de JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling. Het zijn gemiddelden: elk kind volgt dezelfde volgorde, maar in zijn eigen tempo. Een maand eerder of later zegt weinig.

Waarom geen strak lijstje per maand?

Ouders zoeken vaak op 'ontwikkeling 15 maanden' of '18 maanden'. Begrijpelijk, maar in mijn praktijk zie ik dat juist in het tweede jaar de verschillen groot zijn. Het ene kind loopt met 12 maanden, het andere met 17, en allebei zijn ze gezond. Daarom staan hier periodes van een paar maanden, met de bandbreedte erbij.

Wat wel voor elk kind geldt: de volgorde. Eerst optrekken en langs de bank lopen, dan aan de hand, dan los. Eerst begrijpen, dan zeggen. Eerst naast elkaar spelen, dan samen.

13 tot 15 maanden: de eerste stapjes

Tussen 9 en 12 maanden trekken de meeste baby's zich op tot staan en gaan ze daarna zijwaarts langs meubels schuifelen (Kind en Gezin). Aan de hand lopen kunnen de meeste kinderen tussen 8 en 15 maanden (NJI). Gemiddeld zet een kind zijn eerste losse stapjes rond 14 à 15 maanden.

Die eerste stapjes zijn wiebelig: wijdbeens, met gebogen knieën en ellebogen en korte stapjes. Stilstaan lukt nog niet goed en je kind valt vaak (Kind en Gezin; NJI). Op blote voeten heeft je kind de meeste grip.

Met de handjes kan je dreumes nu veel meer. Vanaf 12 maanden duwt hij een autootje voort, stapelt hij blokjes en gaat hij krassen als hij een dik krijtje krijgt (Kind en Gezin). Hij doet dingen in en uit een doos en gooit een torentje om om het daarna opnieuw te bouwen.

De meeste kinderen zeggen hun eerste woordjes tussen 1 en 1,5 jaar (NJI). Je kind reageert op zijn naam en begrijpt eenvoudige opdrachten. Meer daarover in taalontwikkeling van je dreumes.

Hoe de dag rond deze leeftijd er qua slaap uitziet, lees je in het slaapschema voor 15 maanden.

16 tot 18 maanden: loslopen en zelf eten

Rond 18 maanden lopen de meeste kinderen zonder zich ergens aan vast te houden (NJI). Tussen langs de rand lopen en los lopen zitten vaak ongeveer 4 maanden. Kind en Gezin zegt het zo: pas op 18 maanden alleen lopen is niet abnormaal; lopen vóór de eerste verjaardag of ná 18 maanden is eerder de uitzondering. De JGZ kijkt rond 18 maanden extra naar het loslopen.

Rond anderhalf jaar drinkt je kind goed uit een beker en eet het zelf met een lepel (NJI). Rond 18 maanden leert hij ook stukjes opprikken met een vork, al gaat het naar de mond brengen nog moeizaam (Kind en Gezin). Knoeien hoort erbij.

Vanaf ongeveer 18 maanden komt je kind in de peuterpuberteit, ook wel koppigheidsfase (Kind en Gezin). Hij ontdekt dat hij zelf iets kan bepalen. Dat geeft 'nee' en soms flinke driftbuien. Het slaapschema voor 18 maanden laat zien hoe slapen er rond deze leeftijd uitziet.

19 tot 21 maanden: rennen, klimmen en 'zelf doen'

Vanaf ongeveer 18 maanden krijgt je dreumes een beter evenwicht. Hij leert rennen, op stoelen klimmen, zich voortduwen op een loopfiets of driewieler, met een bal spelen en springen (Kind en Gezin). Ook een paar stapjes achteruit of opzij lukken.

Met de handjes opent en sluit hij deksels, slaat hij bladzijden om, stopt hij dingen in een tas en haalt ze er weer uit (Kind en Gezin). Hij wil steeds meer zelf, ook als het nog niet lukt.

In de taal zie je vaak een sprong. Na de eerste 10 tot 20 woordjes komen er bij veel kinderen ineens heel veel nieuwe woorden bij, en vanaf ongeveer 18 maanden de eerste tweewoordzinnen ('appel eten'). De spreiding is groot: 90 procent maakt die eerste zinnetjes ergens tussen 15 en 25 maanden (JGZ-richtlijn Taalontwikkeling). Zie ook het slaapschema voor 19 tot 23 maanden.

22 tot 23 maanden: richting peuter

Rond de tweede verjaardag krijgt je kind steeds meer controle over het lopen. Hij leert stoppen en beginnen, kleine en grote stappen maken en beter meelopen (NJI). Bij het tekenen zwaait niet meer de hele arm mee: de krassen worden krabbels (Kind en Gezin).

Kinderen spelen nu vooral naast elkaar, niet echt samen. Ze kijken wat het andere kind doet en doen een beetje hetzelfde (Kind en Gezin; NJI). Delen is nog moeilijk. Eenkennigheid komt het meest voor tussen 1 en 2 jaar en wordt rond de tweede verjaardag meestal minder (NJI). Wat er rond 24 maanden verandert, lees je in je peuter van 2 jaar.

Slaap van 13 tot 23 maanden

Een kind van 1 tot 2 jaar slaapt volgens de internationale aanbeveling 11 tot 14 uur per etmaal, inclusief dutjes (Paruthi, 2016). In deze periode stappen veel kinderen over van 2 dutjes naar 1 middagslaapje; hoe je dat aanpakt staat in dutjes-overgangen.

Een vast dagritme geeft je dreumes houvast (NJI). In de Numsy-app houd je dutjes en wakkertijden bij, en je kunt je vragen kwijt bij Numo, de coach in de app.

Hoe help je de ontwikkeling van je dreumes?

  1. Geef ruimte om te bewegen, binnen en buiten. Laat hem stukjes zelf lopen naast de buggy of de buggy zelf duwen (NJI).
  2. Maak het huis veilig in plaats van alles te verbieden. Traphekje, stopcontacten afgedekt, kleine dingen buiten bereik.
  3. Laat zelf doen. Zelf eten met een lepel, zelf een jas uittrekken. Het gaat langzamer en het wordt een knoeiboel, maar zo oefent hij.
  4. Praat de hele dag. Benoem wat jullie zien en doen.
  5. Speel met gewone spullen. Potjes en pannen, een houten lepel, een kartonnen doos (Kind en Gezin). Meer ideeën in activiteiten voor je dreumes en peuter.

Wanneer naar het consultatiebureau?

Het consultatiebureau volgt de ontwikkeling van je kind met het Van Wiechenonderzoek. Bespreek het daar als je je zorgen maakt, en in elk geval bij deze signalen uit de JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling:

  • je kind staat of loopt rond 18 tot 20 maanden nog niet;
  • je kind kan na de eerste verjaardag nog niet zelf zitten of rollen (niet kruipen is op zich geen probleem: sommige kinderen slaan het over);
  • je kind loopt of staat steeds op de tenen;
  • je kind gebruikt één arm of been opvallend minder dan de andere;
  • je kind reageert weinig op geluid of heeft weinig interesse in de omgeving.

Twijfel je over de taal, dan kijkt het consultatiebureau rond 2 jaar extra. Je hoeft daar niet op te wachten als je je nu al zorgen maakt.

Verder lezen

Bronnen

Geschreven door Josanne Verhoof, pedagoog en babyslaapcoach (Villa Bimbi), slaapbegeleiding voor kinderen van 0 tot 5 jaar.

Laat een reactie achter

Deze site wordt beschermd door hCaptcha en het privacybeleid en de servicevoorwaarden van hCaptcha zijn van toepassing.

Een vraag over je kindje? Vraag het Numo

Numo

Numo is de slaap- en oudercoach in de Numsy-app. Stel je vraag wanneer het jou uitkomt, en houd ondertussen het dagritme van je kindje bij.

Probeer 7 dagen

Eerst 7 dagen proberen

★ 4,9 in de App Store

Numsy Shush White Noise Machine

Handig bij dit artikel

Numsy Shush White Noise Machine

Door duizenden ouders gebruikt voor rustigere nachten.

Bekijk product

Latest Stories

Deze sectie bevat momenteel geen content. Voeg content toe aan deze sectie met behulp van de zijbalk.

Veelgestelde vragen

Wat kan een kind van 15 maanden?

Veel kinderen van 15 maanden zetten hun eerste losse stapjes of lopen nog aan de hand, zeggen een paar woordjes, begrijpen eenvoudige opdrachten en bouwen een torentje van blokjes om het weer om te gooien. Een deel loopt nog niet los; dat is op deze leeftijd heel normaal.

Wat kan een kind van 18 maanden?

Rond 18 maanden lopen de meeste kinderen zonder steun, drinken ze goed uit een beker en eten ze zelf met een lepel. De woordenschat begint vaak snel te groeien en sommige kinderen maken al tweewoordzinnetjes. Ook de eigen wil wordt duidelijker zichtbaar.

Wanneer moet een dreumes los lopen?

Gemiddeld zetten kinderen hun eerste losse stapjes rond 14 à 15 maanden, maar pas op 18 maanden alleen lopen is niet abnormaal. Loopt of staat je kind rond 18 tot 20 maanden nog niet, bespreek het dan met het consultatiebureau.

Is het normaal dat mijn dreumes eenkennig is?

Ja. Eenkennigheid komt het meest voor tussen 1 en 2 jaar en wordt meestal minder rond de tweede verjaardag. Je kind laat ermee zien dat het weet bij wie het veilig is. Laat het in zijn eigen tempo wennen aan nieuwe mensen en blijf zelf rustig.

Hoeveel slaapt een dreumes van 1 tot 2 jaar?

Volgens de internationale aanbeveling (Paruthi, 2016) slaapt een kind van 1 tot 2 jaar 11 tot 14 uur per etmaal, inclusief de dutjes. In deze periode gaan veel kinderen van 2 dutjes naar 1 middagslaapje.