Peuter of dreumes vroeg wakker: oorzaken en 7 stappen naar later
|
|
Tijd om te lezen 6 min
In het kort
Een dreumes of peuter die structureel tussen 4.00 en 6.00 uur wakker wordt en niet meer slaapt, is een early bird. De meest voorkomende oorzaken zijn licht en kou in de vroege ochtend, geluid, een te late bedtijd waardoor je kind oververmoeid is, een middagdutje dat te vroeg valt of te lang duurt, en overgangen zoals van 2 naar 1 dutje of een slaapregressie. Verduister de kamer, houd de bedtijd tussen 19.00 en 20.00 uur, zet de wektijd op 6.30 uur en verschuif die daarna in stapjes van 15 minuten.
|
|
Tijd om te lezen 6 min
Een dreumes of peuter die structureel tussen 4.00 en 6.00 uur wakker wordt en daarna niet meer slaapt, noemen we een early bird. De meest voorkomende oorzaken zijn licht en kou in de vroege ochtend, geluid, een te late bedtijd waardoor je kind oververmoeid is, een middagdutje dat te vroeg valt of te lang duurt, en overgangen zoals die van 2 naar 1 dutje of een slaapregressie. Met een donkere kamer, een bedtijd tussen 19.00 en 20.00 uur en een vaste wektijd van 6.30 uur schuift de ochtend bij de meeste kinderen binnen 2 weken op.
| Vraag | Antwoord |
|---|---|
| Wat is te vroeg | Structureel wakker voor 6.00 uur en hangerig overdag |
| Slaapbehoefte 1 tot 2 jaar | 11 tot 14 uur per etmaal, inclusief dutje |
| Slaapbehoefte 3 jaar | 10 tot 13 uur per etmaal |
| Bedtijd | tussen 19.00 en 20.00 uur, 4 tot 5 uur na het middagdutje |
| Eerste stappen | Verduisteren, kamer 16 tot 18 graden, vaste wektijd 6.30 uur |
Kinderen zijn nu eenmaal vroege vogels: 6.30 uur wakker is voor een dreumes of peuter normaal. Het wordt een probleem als je kind structureel voor 6.00 uur wakker is en overdag laat zien dat hij te kort sliep: hangerig, gapen voor 9 uur, in slaap vallen in de auto of een middagdutje dat ineens veel langer wordt.
Een echte early bird wordt niet even wakker om daarna verder te slapen. Hij is om 5.00 uur klaarwakker en klaar voor de dag. Bij een kind dat na 6.00 uur uitgerust opstaat, is er weinig aan de hand, ook al voelt het voor jou vroeg. Kijk dan vooral naar je eigen bedtijd.
Tussen 4.00 en 6.00 uur is de slaap van een kind heel licht: de slaapdruk is bijna op en het slaaphormoon melatonine daalt. Elke kleine prikkel is dan genoeg om helemaal wakker te worden. Dit zijn de 9 oorzaken die ik in mijn praktijk het vaakst zie:
| Oorzaak | Hoe je het herkent | Wat je doet |
|---|---|---|
| Licht | Vroeger wakker sinds de lente of zomertijd | Verduisteren tot het echt donker is, ook langs de randen |
| Kou of warmte | Koude handjes, of juist zweterig | Kamer 16 tot 18 graden, slaapzak of pyjama met passende TOG |
| Geluid | Wakker bij vogels, buren, de wekker van papa | Constant ruisgeluid in de kamer, deur dicht |
| Te late bedtijd | Moeilijk inslapen, onrustige nacht, vroeg wakker | Bedtijd 15 tot 30 minuten vervroegen |
| Middagdutje te vroeg of te lang | Klaar met slapen rond 13.00 uur, of dutje van 3 uur | Dutje later starten of afkappen rond 15.30 uur |
| Middagdutje te kort of weg | Oververmoeid 's avonds, slecht humeur | Dutje beschermen, of een rustmoment op de bank |
| Honger of dorst | Wakker en meteen om eten vragen | Vullend avondeten, drinken bij het slaapritueel |
| Angst of nachtmerrie | Wakker huilend, wil niet alleen zijn | Rustig nachtlampje met rood licht, angsten overdag bespreken |
| Ontwikkeling | Nieuwe woorden, lopen, zindelijk worden | Ritme vasthouden, het gaat over |
Bij een kind van 12 tot 18 maanden zit de oorzaak bijna altijd in de dutjes. Een dreumes van 1 jaar heeft nog 2 dutjes nodig, samen 2,5 tot 3 uur, met het middagdutje afgelopen rond 15.30 uur. Valt het ochtenddutje al om 8.30 uur, dan wordt dat een verlengde nacht en schuift de hele dag naar voren, inclusief de wektijd van 5.00 uur. Schuif het ochtenddutje dan in stapjes naar 9.30 of 10.00 uur.
Rond 15 tot 18 maanden komt de overgang van 2 naar 1 dutje. In die weken is je dreumes vaak oververmoeid en wordt hij juist vroeger wakker. Houd de bedtijd dan tijdelijk vroeger, rond 18.30 uur, tot het ene dutje goed staat. Daarnaast spelen tandjes (de kiezen komen door) en de slaapregressies rond 12, 15 en 18 maanden.
Bij 2 jaar komt er van alles bij: fantasie en angsten, de overstap naar een groot bed, zindelijk worden en een flinke eigen wil. Een peuter van 2 jaar heeft volgens de richtlijn van de AASM 11 tot 14 uur slaap per etmaal nodig, meestal 1 tot 2 uur overdag. Een dutje van 3 uur tot 16.00 uur zorgt vaak voor een nacht die om 5.00 uur klaar is: kap het dutje dan af rond 15.00 of 15.30 uur.
Bij 3 jaar verdwijnt het middagdutje bij veel kinderen. Precies in die overgang zie je twee patronen: het kind dat nog dut en daardoor 's ochtends vroeg klaar is, en het kind dat niet meer dut, oververmoeid naar bed gaat en daarom vroeg wakker wordt. Lees bij peuter stoppen met middagslaapjes hoe je dat aanpakt. Een 3-jarige heeft 10 tot 13 uur slaap per etmaal nodig; zonder dutje betekent dat een nacht van 19.00 tot 7.00 uur.
Bij "ineens" kijk ik altijd naar wat er de afgelopen 2 weken veranderde:
Los die ene oorzaak op en houd verder alles hetzelfde. Meestal herstelt het ritme binnen 1 tot 2 weken.
Dit is de aanpak die ik ouders meegeef. Doe alle stappen tegelijk en houd het 2 weken vol voordat je iets anders probeert.
Een slaaptrainer zoals de Numsy Lou helpt bij stap 6 en 7: het lampje laat zien of het nog nacht is, zodat je peuter zelf leert wachten. Een kind van 2 jaar snapt dat na een paar dagen, een dreumes van 1 jaar nog niet; dan doe jij het werk.
Houd 2 weken een simpel dagboekje bij: bedtijd, inslaaptijd, wektijd, dutjes en de stemming overdag. Vaak zie je dan het patroon dat je 's nachts niet ziet, bijvoorbeeld dat de vroege dagen steeds na een lange dutjesdag komen. Wissel niet elke 3 dagen van aanpak; dat maakt het voor je kind onvoorspelbaar.
Ga langs als je kind snurkt of piept in zijn slaap, met open mond ademt, overdag ondanks genoeg uren slaap uitgeput is, vaak hoest 's nachts of als vroeg wakker worden samengaat met pijn (oren, tandjes die niet overgaan, buik). Ook als jullie er als gezin aan onderdoor gaan: de JGZ-richtlijn Gezonde slaap is er juist voor deze vragen, en het consultatiebureau denkt graag mee.
Geschreven door Josanne Verhoof, pedagoog en babyslaapcoach (Villa Bimbi), slaapbegeleiding voor kinderen van 0 tot 5 jaar.
Meestal door een combinatie van licht en kou tussen 4.00 en 6.00 uur, geluid van buiten of in huis, een te late bedtijd waardoor je peuter oververmoeid is, en een middagdutje dat te vroeg of te lang is. Rond 5 uur is de slaap heel licht, dus elke kleine prikkel is dan genoeg om helemaal wakker te worden.
Kijk naar wat er de afgelopen 2 weken veranderde: seizoen (lichter of kouder), een dutje dat verviel of verschoof, tandjes, een verkoudheid, een slaapregressie rond 12, 15, 18 maanden of 2 jaar, of een nieuwe situatie zoals de opvang of een groot bed. Los die oorzaak op en het ritme herstelt meestal binnen 1 tot 2 weken.
Tussen 19.00 en 20.00 uur, ongeveer 4 tot 5 uur na het einde van het middagdutje. Een peuter van 2 jaar heeft 11 tot 14 uur slaap per etmaal nodig, waarvan 1 tot 2 uur overdag. Later naar bed brengen om later wakker te worden werkt meestal averechts.
Bijna nooit. Een oververmoeide peuter slaapt onrustiger en wordt juist vroeger wakker. Probeer eerst 2 weken lang een kwartier vroeger naar bed, met een donkere kamer en een vaste wektijd van 6.30 uur, en kijk dan wat er gebeurt.
Check eerst of de 2 dutjes nog kloppen: bij 1 jaar samen 2,5 tot 3 uur, met het middagdutje niet later dan 15.30 uur klaar. Houd de bedtijd rond 19.00 uur, verduister de kamer en behandel alles voor 6.00 uur als nacht: rustig, donker, geen spelen of ontbijt.
Tussen 6.00 en 7.30 uur. Wordt je kind na 6.00 uur uitgerust wakker, dan is dat geen probleem, ook al voelt het vroeg voor jou. Structureel voor 6.00 uur wakker, hangerig en overdag gapen betekent te kort geslapen.