Flesvoeding geven gaat zo: was je handen, vul een schone fles eerst met water en voeg dan het afgestreken poeder toe, warm de fles au bain-marie of in een flessenwarmer op en geef hem halfrechtop, op het tempo van je baby. Als richtlijn drinkt een baby ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per dag, verdeeld over 7 tot 8 voedingen in de eerste week tot 2 of 3 rond 1 jaar. Restjes gooi je na een uur weg en de magnetron gebruik je nooit.
In dit artikel
- In het kort
- Wat heb je nodig en welke flesvoeding kies je?
- Begin met schone handen en een schone fles
- Welk water gebruik je voor flesvoeding?
- Zo maak je de fles klaar
- Hoe geef je de fles? Houding, tempo en het eerste flesje
- Hoeveel flesvoeding heeft je baby nodig? Schema per leeftijd
- Restjes, bewaren en flesvoeding onderweg
- Flesvoeding combineren met borstvoeding en met de eerste hapjes
- Wanneer naar het consultatiebureau of de huisarts
In het kort
| Onderdeel | Flesvoeding geven |
|---|---|
| Hygiëne | Handen wassen, fles direct omspoelen, in de eerste maanden dagelijks uitkoken |
| Bereiding | Eerst water, dan poeder, afstrijken, rustig zwenken, vers per voeding |
| Water | Koud kraanwater, even laten doorstromen; geen boiler, ontharder of koolzuur |
| Temperatuur | Lauw, testen op de pols; au bain-marie of flessenwarmer, nooit magnetron |
| Hoeveelheid | Circa 150 ml per kilo per dag, meestal niet meer dan zo'n 1 liter |
| Houding | Halfrechtop, speen gevuld, tempo van je baby, boertje na afloop |
| Restjes | Na 1 uur weggooien, niet opnieuw opwarmen |
Wat heb je nodig en welke flesvoeding kies je?
Veel hoeft het niet te zijn: minimaal twee flessen met spenen en een duidelijke maatverdeling, een flessenborstel die je alleen voor de flessen gebruikt, volledige zuigelingenvoeding in poedervorm en iets om de fles mee op te warmen, zoals een pannetje heet water of een flessenwarmer.
Over de keuze van de voeding kun je kort zijn. Alle zuigelingenvoeding in Nederland moet aan dezelfde wettelijke eisen voldoen, dus staat er "volledige zuigelingenvoeding" op de verpakking, dan zit alles erin wat je baby nodig heeft. Nummer 1 kun je het hele eerste jaar geven; opvolgmelk (nummer 2) vanaf 6 maanden mag, maar is niet nodig. Vanaf 1 jaar kan je kind gewone halfvolle melk drinken. Wisselen van merk kan, maar doe het niet elke week: geef je baby een paar dagen om te wennen. Speciale voeding, bijvoorbeeld bij veel spugen of vermoeden van een koemelkallergie, kies je in overleg met het consultatiebureau. Vergeet daarnaast de vitamine D niet: alle baby's krijgen vanaf de eerste week dagelijks 10 microgram, ook met flesvoeding.
Begin met schone handen en een schone fles
Melk is een ideale voedingsbodem voor bacteriën en het maagje van een jonge baby kan daar nog slecht tegen. Daarom is hygiëne stap nul van elke voeding:
- Was je handen met water en zeep voordat je de fles klaarmaakt.
- Spoel fles en speen direct na elke voeding om met koud water, zodat melkresten niet opdrogen.
- Maak alles daarna schoon met heet water, afwasmiddel en de flessenborstel. Haal de fles helemaal uit elkaar en borstel ook de schroefrand en de binnenkant van de speen.
- Spoel na en laat drogen op een schone doek, met de opening naar beneden.
- Kook alle onderdelen in de eerste maanden dagelijks een paar minuten uit, of gebruik een sterilisator of de vaatwasser op een heet programma.
- Controleer de speen regelmatig: scheurtjes of een plakkerig gevoel betekenen vervangen.
Welk water gebruik je voor flesvoeding?
In Nederland is kraanwater veilig voor flesvoeding en hoef je het niet eerst te koken. Gebruik koud kraanwater dat je even laat doorstromen, en geen warm water uit de kraan. Water uit een boiler, een waterontharder of een filterkan is niet geschikt: daar kunnen meer mineralen of zouten in zitten dan goed is voor een babynier.
Bronwater of mineraalwater gebruik je alleen als op het etiket staat dat het geschikt is voor de bereiding van zuigelingenvoeding, en nooit met koolzuur. Ben je in het buitenland en vertrouw je het kraanwater niet, kook het dan 1 minuut, laat het afkoelen tot lauw en maak de fles daarmee klaar, of kies flessenwater met weinig natrium (op het etiket vaak "Na" onder 20 milligram per liter).
Zo maak je de fles klaar
Maak elke fles vers klaar, per voeding. Flessen voor de hele dag vooruit maken raden de richtlijnen af, omdat bacteriën in aangemaakte melk snel groeien.
- Begin met water. Vul de fles eerst met de juiste hoeveelheid water en voeg daarna pas het poeder toe. Andersom klopt de verhouding niet meer.
- Meet het poeder precies af. Gebruik het maatschepje uit de verpakking en strijk het af. Een schepje extra belast de nieren en darmpjes van je baby; te weinig geeft te weinig voedingsstoffen. De verhouding op de verpakking is een recept, geen richtlijn.
- Meng rustig. Zwenk of rol de fles tot al het poeder is opgelost. Hard schudden geeft extra luchtbelletjes, en die drinkt je baby mee.
- Warm de fles au bain-marie of in een flessenwarmer op, niet in de magnetron. Een magnetron verwarmt ongelijkmatig: de fles voelt aan de buitenkant prima terwijl je baby zich binnenin brandt.
- Test de temperatuur op je pols. Een paar druppels op de binnenkant van je pols moeten lauw aanvoelen, ongeveer lichaamswarm. Voelt het warm, laat de fles dan eerst afkoelen. Opwarmen hoeft overigens niet eens: melk op kamertemperatuur is ook prima.
Hoe geef je de fles? Houding, tempo en het eerste flesje
Een voeding is meer dan melk naar binnen krijgen; het is voor je baby ook een van de fijnste momenten van de dag. Zo geef je de fles:
- Houd je baby halfrechtop op schoot, met het hoofdje in de holte van je elleboog. Plat liggend drinken vergroot de kans op verslikken en lucht happen.
- Maak oogcontact, praat of neurie zachtjes en leg je telefoon weg.
- Houd de fles zo schuin dat de speen gevuld blijft met melk, zodat je baby geen lucht drinkt. Dat scheelt boertjes en krampjes.
- Volg het tempo van je baby. Gun hem pauzes en dwing de fles niet leeg. Draait hij zijn hoofdje weg, laat hij de speen los of valt hij voldaan stil, dan is het genoeg. Een voeding duurt meestal een kwartier tot een half uur.
- Wissel af en toe van arm, goed voor nekje en oogjes en voor jouw arm.
- Laat na afloop een boertje: rechtop tegen je schouder, rustig van onder naar boven over het ruggetje wrijven. Komt het niet, leg je baby dan even neer en probeer het opnieuw.
Geef je voor het eerst een flesje na borstvoeding, kies dan een rustig moment waarop je baby honger heeft maar nog niet overstuur is. Laat bij voorkeur je partner het flesje geven terwijl jij even uit de kamer bent: je baby ruikt de borst en snapt niet waarom hij die nu niet krijgt. Begin met een kleine hoeveelheid afgekolfde melk of kunstvoeding, houd de fles bijna horizontaal zodat de melk niet vanzelf stroomt, en geef het na een paar minuten op als het niet lukt. Morgen is er weer een dag; de meeste baby's pakken het binnen een week op. Valt je baby steeds in slaap aan de fles, lees dan ook waarom een baby in slaap valt tijdens de voeding.
Hoeveel flesvoeding heeft je baby nodig? Schema per leeftijd
Als globale richtlijn drinkt een baby in de eerste maanden ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per 24 uur, en meestal niet meer dan zo'n 1 liter per dag. Een baby van 4 kilo komt dus uit op ongeveer 600 ml, verdeeld over meerdere voedingen. Zo ziet dat er grofweg uit per leeftijd (afgeleid van die richtlijn en het gemiddelde gewicht; jouw baby mag afwijken):
| Leeftijd | Voedingen per etmaal | Per voeding (richtlijn) |
|---|---|---|
| Eerste week | 7 tot 8 | 30 tot 70 ml, elke dag iets meer |
| Week 2 tot 4 | 6 tot 7 | 70 tot 110 ml |
| 1 tot 2 maanden | 6 | 100 tot 130 ml |
| 2 tot 4 maanden | 5 tot 6 | 130 tot 170 ml |
| 4 tot 6 maanden | 5 | 170 tot 200 ml |
| 6 tot 9 maanden | 3 tot 4, naast hapjes | 180 tot 220 ml |
| 9 tot 12 maanden | 2 tot 3, naast 3 maaltijden | 180 tot 220 ml |
Wanneer ga je van 7 naar 6 voedingen, of van 5 naar 4? Laat je baby dat aangeven. Drinkt hij zijn fles steeds leeg, slaapt hij vanzelf een voeding door en groeit hij netjes langs zijn eigen lijn, dan kun je een voeding laten vervallen en de andere iets groter maken. Hoe je dat combineert met de dutjes lees je in ons voedingsschema, en wat er 's nachts nog nodig is in nachtvoeding: hoe vaak en tot wanneer.
Drinkt je baby minder dan de tabel? Kijk naar je kind, niet naar de milliliters: zo'n 5 tot 6 goed natte luiers per dag, tevreden tussen de voedingen en groei langs de eigen lijn betekent dat het goed zit. Op warme dagen, bij een verkoudheid of na een prik drinkt een baby vaak tijdelijk minder en in een groeispurt juist meer. Blijft hij dagen achter elkaar weinig drinken, is hij sloom of heeft hij minder natte luiers, bel dan het consultatiebureau of de huisarts. Spuugt je baby opvallend veel of lijkt drinken pijnlijk, lees dan over reflux en verborgen reflux.
Restjes, bewaren en flesvoeding onderweg
Hoe zonde het ook voelt: melk die over is, gooi je weg. In een fles waar je baby uit heeft gedronken groeien bacteriën snel, ook in de koelkast. Een aangebroken fles is na een uur niet meer bruikbaar en warm je niet opnieuw op. Maak liever iets kleinere flessen en vul aan als je baby meer wil. Ongeopend poeder is houdbaar tot de datum op het blik; een geopend blik gebruik je binnen de termijn die de fabrikant noemt, meestal een paar weken, en sluit je goed af.
Onderweg gelden dezelfde regels, met een praktische oplossing: neem heet water en poeder apart mee. Vul thuis een goede thermosfles met heet water, doe de afgemeten schepjes poeder in een doseerdoosje of een schone droge fles, en maak de voeding pas klaar als je baby honger heeft. Laat de melk afkoelen tot lauw en test op je pols. Zo voed je overal vers, zonder aangemaakte melk die uren in de luiertas ligt.
Voor de nachtvoeding scheelt het veel gedoe als het water al op temperatuur is. Een flessenwarmer voor de nacht houdt water op de juiste temperatuur, zodat je in het donker alleen nog hoeft te schudden.
Flesvoeding combineren met borstvoeding en met de eerste hapjes
Borstvoeding en flesvoeding zijn geen kamp A en kamp B. Veel ouders combineren ze: een fles afgekolfde melk zodat je partner de avondvoeding doet, of kunstvoeding naast de borst. Wil je borstvoeding blijven geven, bouw de fles dan rustig op (één voeding per keer, een paar dagen ertussen) zodat je melkproductie kan wennen. Wat je baby in de eerste weken nodig heeft, lees je in pasgeboren baby: eten en drinken.
Vanaf 4 tot 6 maanden komen de oefenhapjes erbij. Die vervangen de melk nog niet: geef ze op een rustig moment tussen twee voedingen of vlak na een halve fles, zodat je baby niet uitgehongerd is maar nog wel zin heeft. Pas vanaf ongeveer 6 maanden worden de hapjes groter en neemt de melk geleidelijk af, zoals in de tabel hierboven.
Wanneer naar het consultatiebureau of de huisarts
Neem contact op als je baby een dag lang bijna niets drinkt, minder dan 5 natte luiers heeft, sloom of grauw is, na bijna elke voeding met kracht spuugt, niet groeit langs zijn eigen lijn, of als je vermoedt dat hij de voeding niet verdraagt (huiduitslag, bloed of slijm in de ontlasting, veel huilen na het drinken). Twijfel je over de hoeveelheid of over wisselen van voeding, bel dan gewoon: het consultatiebureau kijkt mee met de groeicurve en geeft advies op maat, en dat gaat altijd boven een algemene tabel.
Verder lezen
- Pasgeboren baby: eten en drinken in de eerste weken
- Voedingsschema baby
- Nachtvoeding: hoe vaak en tot wanneer per leeftijd
- Darmkrampjes bij je baby: herkennen, verzachten en wanneer naar de dokter
- Reflux en verborgen reflux bij baby's
- Koemelkallergie baby symptomen
Bronnen
- Voedingscentrum, Borstvoeding en flesvoeding (voedingsfrequentie per leeftijd, bereiding en hygiëne)
- Voedingscentrum, Eerste hapjes (vanaf 4-6 maanden)
- NHS (UK), Bottle feeding advice en Making up baby formula
- NCJ (2017), JGZ-richtlijn Gezonde slaap en slaapproblemen bij kinderen, Nederlands Centrum Jeugdgezondheid
Geschreven door Josanne Verhoof, pedagoog en babyslaapcoach (Villa Bimbi), slaapbegeleiding voor kinderen van 0 tot 5 jaar.




Pasgeboren baby: eten en drinken in de eerste weken
Pasgeboren baby: eten en drinken in de eerste weken